Sla menu over

Een gebouw met een hart van hout

De laatste fase van de vernieuwing van Orthen-Links is niet de eenvoudigste. We zetten er een gebouw neer voor een speciale doelgroep. Een gebouw dat moet passen in de vernieuwde wijk en ook nog heel duurzaam is. Hoe zet je dat met elkaar neer? We vroegen het aan de samenwerkende partijen. “Nieuwe oplossingen vragen om vertrouwen en gezamenlijke verantwoordelijkheid. We doen dit echt met elkaar.”

Een groep mannen die voor een gebouw staat

Loop eens op een zonnige middag over het groene hart van Orthen-Links. Geheid dat je daar een bonte verzameling bewoners aantreft. Kinderen leven zich uit in de speeltuin, ouders en honduitlaters maken er een praatje. Het is er groen en gezellig. De vernieuwing van dit Bossche buurtje is bijna afgerond. Bijna, want het sluitstuk nadert nu zijn voltooiing: appartementen voor cliënten van Cello met op de begane grond het buurthuis voor Orthen-Links, aan de Orthensedonk. Op de bouwplaats ontmoeten we de bouwteamleden Geert Bosch en Joost Kolk van HilberinkBosch Architecten, Tonnie van Bussel van BanBouw en onze eigen projectleider Bert Wagt.

Portret van een man

We gingen het avontuur aan

Bert Wagt - projectleider BrabantWonen

Een mix van nieuw en traditioneel

Bert Wagt: “BrabantWonen wil stappen zetten op het gebied van duurzaamheid. Tegelijkertijd moeten onze oplossingen betaalbaar zijn en passen bij sociale woningbouw. Voor je het weet ga je dan op de rem staan en grijp je terug op traditionele bouwmethoden. In dit geval gingen we het avontuur aan. Met elkaar. En met succes.”

Het oorspronkelijke ontwerp kende een traditioneel casco van kalkzandsteen, beton en staal. Met ondersteuning van Arcon Houtconstructies, een zustermaatschappij van BanBouw, werd dat casco omgezet naar een houtconstructie van massief hout, terwijl andere onderdelen traditioneel zijn gebleven, zoals de bakstenen gevel. Bert: “Een mooie mix, waarmee het geheel betaalbaar bleef. En zo konden we tegelijkertijd heel goed zien hoeveel CO2-uitstoot we besparen.” Joost Kolk: “We hebben berekend hoeveel hout er precies in zit en hoeveel CO2 daarin opgeslagen zit. Uiteindelijk bleef er nog maar 20% over van de uitstoot die we anders gehad zouden hebben.”

Project in het kort

Het gaat om een woongebouw met 22 appartementen en een buurthuis. Jongvolwassenen met een vorm van autisme wonen hier straks zelfstandig, met begeleiding van zorgorganisatie Cello. Het buurthuis op de begane grond wordt gehuurd door Gemeente ’s-Hertogenbosch en beheerd door welzijnsorganisatie Farent. Duurzaamheid speelt een centrale rol: het gebouw heeft een hoofddraagconstructie van kruislaaghout (CLT), vlasisolatie in de gevels en hergebruikte materialen, zoals galerijhekken uit de gesloopte flats in Boschveld.

Portret van een man

Het gebouw moest echt onderdeel van het geheel worden

Joost Kolk - HilberinkBosch Architecten

Puzzel

De overstap naar houtbouw bracht ook uitdagingen met zich mee. Vooral op het gebied van installaties en techniek. Tonnie van Bussel: “We moesten ruimte vinden voor de WTW-installatie. Dat vroeg om slim denkwerk. Normaliter worden leidingen weggewerkt in beton. Dan zijn ze uit het zicht en heb je meteen een oplossing voor brandveiligheid en geluid. Houtbouw vraagt om andere oplossingen. Zo brachten we een verlaagd plafond aan in de hal en in de badkamer, om de installatie achter weg te werken. En we maakten koven in de slaapkamers en woonkamers voor de ventilatiekanalen.” Bert: “De woningen wat ruimer opzetten kon ook niet. Want als ze groter zijn dan 50 vierkante meter, hebben ze volgens de regelgeving per woning een externe berging nodig, waarvoor geen ruimte is. Uiteindelijk vind ik dat we de puzzel heel goed hebben gelegd met elkaar.”

Portret van een man

Het valt op door zijn onopvallendheid

Geert Bosch - HilberinkBosch Architecten

Uitstraling

Zijn de bouwteamleden ook blij met de uitstraling? Is die geworden zoals de bedoeling was? Geert Bosch: “Wij zijn vanaf het begin betrokken bij de vernieuwing van de buurt en spraken al jaren geleden met elkaar af: als we aan het eind nog wat missen in de wijk, gaan we dát gebouw ontwikkelen. In mijn ogen is dat goed gelukt. Het is alsof het er al lang staat; het voegt zich perfect naar de rest van de buurt. Je zou kunnen zeggen dat het opvalt door zijn onopvallendheid.” Joost Kolk vult aan: “We hebben het wel veel over hout, maar een houten gebouw zou een vreemde eend in de bijt zijn. Het moest echt onderdeel van het geheel worden. Vooral door het metselwerk is dat goed gelukt.” Tonnie van Bussel: “Binnenin springt het hofje er dan wél weer uit, met die mooie houten galerijen erboven. Als het daar straks groen is, is dat een prachtige plek voor de bewoners.”

Portret van een man

Het is een prachtige plek voor de bewoners

Tonnie van Bussel - BanBouw

Een levendig buurtcentrum

Voor Bert Wagt is het traject in alle opzichten de moeite waard: “We hebben onze nek uitgestoken en laten zien dat we het voor elkaar kunnen krijgen om een mooi en duurzaam gebouw te maken, met een belangrijke maatschappelijke functie. En dat uiteindelijk allemaal binnen de financiële kaders van BrabantWonen. Voor nagenoeg hetzelfde geld en met veel minder impact op het milieu kunnen we dus ook onze doelstellingen bereiken! Wat mij betreft is het dus bij nieuwe projecten niet meer de vraag óf we projecten in houtbouw realiseren, maar juist de vraag waarom we dat níet zouden doen. En waar ik nog wel eens twijfels had over werken in een bouwteam… ook die mening moet ik nu wat bijstellen. Nieuwe oplossingen vragen om vertrouwen en gedeelde verantwoordelijkheid. We doen dit echt met elkaar. In een open en eerlijke samenwerking.” Geert Bosch sluit af: “En met een mooi resultaat. Ik zie hier een levendig buurtcentrum ontstaan, bij de ingang van de wijk. Een plek waar alle buurtbewoners elke dag langskomen. Het gemeenschapsgevoel van Orthen-Links komt hier straks helemaal tot bloei.”