Ik zoek een woning
Vraag en antwoord over inkomenscriteria (Oss)
Over de Europese regelgeving
1. Wat houdt de toewijzing op basis van inkomen voor mij als woningzoekende in?
Corporaties moeten vanaf 1 januari 2011 minimaal 90% procent van hun woningaanbod beschikbaar stellen voor huishoudens met een belastbaar inkomen tot en met € 34.085,00 per jaar (prijspeil 2012). Dit betekent dat woningzoekenden die meer dan € 34.085,00 per jaar verdienen niet meer in aanmerking komen voor een sociale huurwoning. Dit zijn huurwoningen met een huurprijs tot en met € 664,66.
2. Wat zijn de wijzigingen per 1 januari 2012?
Ten eerste wordt de inkomengrens in 2012 geïndexeerd met een iets hoger percentage dan eerst de bedoeling was. Daarmee is de grens voor 2012 op € 34.085,00. Dit was € 33.614,00.
Ten tweede vervalt de inkomensgrens voor een aantal huishoudens met een zorgindicatie van het Centrum Indicatiestelling Zorg. Het gaat daarbij alleen om huishoudens die door ziekte of handicap op afroep beschikbare zorg of zelfs 24 uur per dag zorg nodig hebben. Voor ouderen en gehandicapten met een lichtere indicatie (waarbij zorg op afgesproken tijden volstaat) blijft de inkomensgrens bestaan. Voor meer informatie hierover kunt u contact opnemen met de afdeling Markt & Voorraad.
3. Waarom zijn er toewijzingsregels voor sociale huurwoningen?
Deze toewijzingsregels zijn het gevolg van regels die de Europese Commissie aan de corporaties heeft opgelegd. De commissie vindt dat er in Nederland teveel mensen gebruikmaken van de gesubsidieerde woningsector.
4. Sinds wanneer is de nieuwe regelgeving ingegaan?
De regeling is per 1 januari 2011 ingevoerd. Als u reageert op een sociale huurwoning met een huurprijs tot en met € 664,66 en u heeft een belastbaar jaarinkomen van meer dan € 34.085,00 komt u hiervoor niet meer in aanmerking.
5. Geldt de 90% norm ook als ik al een woning van de corporatie huur?
Huurt u nu een huurwoning van de corporatie? Dan verandert er niets voor u. Pas als u op zoek gaat naar een andere huurwoning, wordt uw inkomen opnieuw getoetst.
6. In welke situaties kan afgeweken worden van de inkomensgrens?
- medische urgenten: mensen die door een acuut lichamelijk probleem niet meer kunnen functioneren in de huidige woning.
- sociaal urgenten: mensen die onverwacht en buiten de eigen verantwoordelijkheid in acute noodsituatie zijn beland
- maatschappelijk urgenten: mensen die hun traject hebben doorlopen via een maatschappelijke instelling (vb. Verdihuis, Oosterpoort, etc.).
- huishoudens met een zorgindicatie van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Het gaat daarbij alleen om huishoudens die vanwege ziekte of handicap op afroep beschikbare zorg of zelfs 24 uur per dag zorg nodig hebben. Voor ouderen en gehandicapten met een lichtere indicatie (waarbij zorg op afgesproken tijden volstaat) blijft de inkomensgrens bestaan.
Bij toewijzing moet u, net als alle andere woningzoekenden, uw inkomen aantonen en een verklaring ondertekenen.
7. Als ik geen sociale huurwoning kan krijgen, waar moet ik dan heen?
Als u meer dan € 34.085,00 verdient, komt u in aanmerking voor huurwoningen boven de € 664,66. Deze worden beperkt aangeboden door de corporaties. Ook kunt u bij particuliere verhuurders informeren naar beschikbare huurwoningen.
8. Wat wordt verstaan onder de “huurprijs” voor huurwoningen met een huurprijs van € 664,66 of lager?
Alleen de 'kale' huur, dat wil zeggen de prijs die verschuldigd is voor het enkele gebruik van de woning. Servicekosten vallen hier dus niet onder.
Over de inkomensgrens
9. Om welk inkomen gaat het?
Bij het inkomen van de toekomstige huurder(s) gaat het om het belastbare inkomen van het huishouden. Het huishoudinkomen is de som van het belastbare inkomen van de huurder en eventueel meerderjarige medebewoners. Het gaat om het gezamenlijke belastbaar inkomen op het moment dat de huurovereenkomst wordt aangegaan. Eventuele inkomens van kinderen onder de 18 jaar tellen niet mee.
10. Hoe reken ik het belastbaar huishoudinkomen uit?
Het belastbaar huishoudinkomen is het belastbaar inkomen van alle medebewoners van 18 jaar en ouder. Hierbij moet u ook het vakantiegeld en een eventuele 13e maand optellen. Er zijn nog andere inkomsten die worden toegerekend aan het belastbaar inkomen.
Als alle jaarinkomens van de personen in uw huishouden van 18 jaar en ouder samen meer dan € 34.085,00 bedragen, komt u als woningzoekende niet langer in aanmerking voor een sociale huurwoning met een maandhuur lager dan € 664,66.
11. Hoe wordt het belastbaar huishoudinkomen getoetst?
Het inkomen moet schriftelijk worden aangetoond op het moment dat de huurovereenkomst wordt aangegaan. Dat kan met de volgende documenten, waarbij in bepaalde situaties, zoals bij partneralimentatie, andere gegevens nodig zullen zijn:
- Laatste voorlopige aanslag inkomstenbelasting
- IB60 formulier. Deze kunt u bij de belastingdienst opvragen
- De meest recente salaris- of uitkeringstrook, daarbij rekening houdend met vakantietoeslag en evt. 13e maand. Voor het bewijs van de 13e maand is een werkgeversverklaring nodig.
U ondertekent een verklaring dat u de juiste en volledige gegevens hebt aangeleverd.
12. Waarom moet ik mijn inkomen schriftelijk bewijzen?
De corporaties moeten aan de accountant kunnen aantonen dat zij minimaal 90% van hun sociale huurwoningen aan huishoudens met een inkomens onder de € 34.085,00 hebben toegewezen. Als dat niet het geval is, krijgen corporaties geen staatssteun meer om nieuwe sociale huurwoningen te bouwen.
13. Wordt het inkomen al getoetst bij inschrijving?
Nee, het inkomen wordt pas getoetst op het moment dat u gereageerd heeft op een huurwoning, een aanbieding voor de woning krijgt en deze woning wilt accepteren.
14. Geldt er naast een inkomenstoets ook een vermogenstoets?
Het vermogen zelf wordt niet meegerekend met de inkomenstoets, maar wel de inkomsten uit vermogen, bijvoorbeeld rente die men ontvangt uit sparen en beleggen (box 3 van de inkomstenbelasting). Dit telt mee in de berekening van het belastbaar huishoudinkomen.
15. Waarom moet ik een verklaring ondertekenen?
Hiermee verklaart u dat de vragen over de inkomensgegevens, het vermogen en de huishoudsamenstelling naar waarheid zijn ingevuld en compleet zijn beantwoord.
16. Wordt de inkomensgrens van € 34.085,00 jaarlijks aangepast?
Ja, de grens wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd door de overheid. Het bedrag van het maximale belastbaar jaarinkomen van € 34.085,00 geldt per 1 januari 2012.
Over specifieke situaties
17. Wat als ik al jarenlang ingeschreven sta, ik nu voldoende woonduur heb opgebouwd om naar een gewenste woning door te stromen, maar net iets meer dan € 34.085,00 verdien?
Als u een belastbaar huishoudinkomen heeft boven de € 34.085,00 dan komt u helaas niet meer in aanmerking voor een woning met een huur lager dan € 664,66.
18. Wat als mijn partner bij mij intrekt?
Het inkomen van een toekomstige partner telt niet mee, wanneer hij op een later tijdstip bij de hoofdhuurder intrekt.
19. Mijn woning wordt gerenoveerd en nu word ik tijdelijk geherhuisvest, om daarna weer terug te keren naar mijn oude huurwoning.
Dit wordt niet beschouwd als een nieuwe verhuring, dus blijft het huurcontract in stand. Als u niet terugverhuist, dan wordt er een nieuwe huurovereenkomst aangegaan en moet het inkomen getoetst worden voor toewijzing.
20. Gelden de nieuwe regels ook voor woon-zorgcomplexen?
De nieuwe regelgeving geldt niet voor verzorgings- en verpleeghuizen, die verhuurd worden aan zorginstellingen, waarbij sprake is van combinatie wonen en zorg. Heeft u een CIZ-indicatie, dan wordt uw inkomen niet getoetst. Het gaat daarbij alleen om huishoudens die door ziekte of handicap op afroep beschikbare zorg of zelfs 24 uur per dag zorg nodig hebben. Voor ouderen en gehandicapten met een lichtere indicatie (waarbij zorg op afgesproken tijden volstaat) blijft de inkokmensgrens bestaan.
21. Waarom negeert BrabantWonen gewoon niet de nieuwe regelgeving, net als andere woningcorporaties?
Als er een hogere inkomensgrens wordt gehanteerd, dan overschrijden de corporaties al snel de 10% van de woningen die ze zonder inkomenstoets mogen toewijzen. Als deze 10% wordt overschreden, krijgen corporaties als boete geen staatsteun voor de nieuwbouw van sociale huurwoningen. Zonder staatsteun moet er duurder geleend worden en lukt het corporaties niet om betaalbare huurwoningen te bouwen.
